|
| De boerderij |
Le Perrier is van oorsprong een Provençaalse boerderij die dateert uit de 17de eeuw en altijd bewoond is geweest door de familie Perrier. 'Perrier' heeft dan ook niets te maken met het gelijknamige bronwater (zonder 'Le'!), maar met de plaatselijke betekenis van 'rots' die in vroeger tijden als markant kenmerk dienst deed. Le Perrier is voor een groot deel gebouwd op de rots waaraan de vroegere bewoners hun naam ontleenden.
Wat nu de gîte Masure is, is het oorspronkelijke boerderijtje geweest. Door de jaren heen hebben diverse generaties aan dit bescheiden begin bijgebouwd tot de grote boerderij die er vandaag de dag staat.
Leden van de - protestantse - familie Perrier zijn begraven op een kleine ommuurde begraafplaats op het terrein. Deze dateert uit de tijd dat protestanten geen burgerrechten hadden in het Katholieke Frankrijk. Zij mochten niet begraven worden op de gemeentelijke kerkhoven, waardoor protestantse boeren hun eigen laatste rustplaats hadden op hun land. Tijdens W.O. II zat een Joods gezin uit Parijs op Le Perrier ondergedoken. |
 |
| De brand |
| De hoofdwoning en de aangrenzende woning, nu de gîte Masure, brandden in 1995 volledig uit. De toenmalige eigenaar, een Zwitser uit Bern, had de hoofdwoning voor een deel opgeknapt en gebruikte deze als vakantiehuis. Of het vuur is aangestoken door vandalen of dat de oorzaak een kortsluiting was in de zelf aangelegde elektrische leidingen is nooit opgehelderd. In de woonkamer van de hoofdwoning stonden we bij de eerste kennismaking met Le Perrier op een halve meter puin, terwijl er bomen groeiden in de badkamer. |
 |
| De verbouwing |
| Le Perrier is eind 2000 als ruïne aangekocht door de huidige eigenaars/beheerders. Nadat een architect een geheel nieuwe bestemming en indeling had gegeven aan de bestaande muren en ruimtes en de vergunning voor de grootscheepse her- en verbouwing rond was kon in oktober 2001 met de werkzaamheden worden begonnen. Deze zouden tenslotte zo'n 9 maanden duren. Hoewel alles bijzonder voorspoedig en plezierig verliep was er ook een enkele grote tegenslag. |
 |
| Eind oktober 2001, toen de ruïne helemaal schoongemaakt was en er geen dak meer op zat, viel er tijdens een storm in één nacht zoveel regen dat een van de natuurstenen binnenmuren, twee verdiepingen hoog en 60 cm dik, als een pudding in elkaar zakte. Juist toen we tot onze verwondering hadden geconstateerd dat deze muur geen funderingen had. Voor het merendeel van de muren van Le Perrier was dat ook niet nodig, omdat het complex grotendeels op een rots is gebouwd. Funderingen werden waar nodig alsnog aangebracht en de muur werd volledig herbouwd, nu met gewapend beton. |
 |
|
|